Verantwoord paardrijden


VEILIGHEIDSTIPS

  1. Een paard/pony is een vluchtdier, als er iets onverwachts gebeurt, gaat hij eerst rennen en dan pas kijken

  2. Spreek een paard/pony eerst aan, als u hem benadert.

  3. Het paard/pony houdt geen rekening met u, u moet rekening met hem houden. Blijf links van uw paard/pony lopen als u hem begeleidt.

  4. Zet het paard/pony met het halstertouw vast doormiddel van een veiligheidsknoop.

  5. Bij het opzadelen in een box altijd eerst het hoofdstel omdoen, daarna het zadel. Indien het paard vaststaat aan een halster, eerst het zadel en daarna het hoofdstel. Afzadelen andersom en altijd aan de linkerkant.

  6. Voor het opstijgen altijd controleren of het paard is aangesingeld.

  7. Bij het opstijgen de linkerkant van uw knie tegen het zadel aandrukken, zodat u het paard/pony niet met de tenen in de buik prikt.

  8. Bij het op stal zetten altijd doorlopen, totdat het paard/pony weer met het hoofd bij de deur staat.

  9. Meld de bijzonderheden die je aan paard/pony ontdekt aan de verantwoordelijke persoon.

  10. Probeer bij het poetsen/hoevenkrabben naast het paard/pony te blijven staan, niet erachter. Ga niet op de grond of op de knieën zitten.

  11. Ruim altijd de spullen op die gebruikt zijn.

  12. Bij het rijden: ‘ken uw grenzen” en zorg dat u de rijbaanregels kent.

  13. Valt er iemand van zijn paard/pony, ga dan allemaal stilstaan.

  14. Draag rijlaarzen om te voorkomen dat u in de beugels blijft hangen.

  15. Ga altijd vóór het paard/pony langs, is dit niet mogelijk, waarschuw hem dan eerst en praat tegen hem.

  16. Gil nooit als er iets gebeurd, het paard/pony raakt in paniek.

  17. Draag geen sjaal of andere losse delen om het lichaam (geen openjas), waardoor een paard/pony kan schrikken of waarmee u ergens aan kunt blijven hangen.

  18. Eet geen kauwgum op het paard/pony, dit kan tijdens een onverwachte beweging van het dier in uw keel schieten.

  19. Rook nooit in de stallen en nooit op het paard/pony.

  20. DRAAG ALTIJD EEN VEILIGHEIDSHOOFDDEKSEL CE. 1384 GEKEURD, dit is bij enkele verzekeringsmaatschappijen VERPLICHT, ongeacht uw leeftijd.

 

1. Voorzorgsmaatregelen
Bij het omgaan met en het verzorgen van het paard moeten voorzorgsmaatregelen in acht worden genomen. Men moet altijd goed opletten op de reactie van het paard hiermede voorkomt men onnodige ongelukken, zoals trappen en bijten. Elk tiende ongeluk in de ruitersport komt door trappen en bijten tijdens omgang en verzorging van paarden.

2. Benaderen van een paard
Paarden zijn schrikdieren, benadert men een paard dan spreekt men hem rustig er duidelijk aan; een paard herkent spoedig een stem. In principe een paard niet van achteren benaderen, hij kan u niet zien. Hij kan schrikken en verkeerd reageren wanneer u plotseling naast hem te voorschijn komt.
Kijk altijd naar de ogen en het orenspel, indien dreigend (oren naar achteren): wees attent.


3. Begeleiden van paarden
Goed begeleiden moet geleerd zijn! Wie zijn paard goed kent, kan met halster er halstertouw het paard begeleiden. Als vuistregel geldt: Aan de linkerzijde van het paard op schouderhoogte meelopen, met de rechterhand het paard leiden! Nooit voor het paard lopen en nooit het halstertouw om de hand wikkelen. Zeer gevaarlijk !!!
Vreemde paarden moet men in eerste instantie met een hoofdstel begeleiden, waarbij men het optomen door een ervaren ruiter moet laten doen.
 

4. Verzorgen van paarden
Bij het verzorgen van een paard moet genoeg ruimte aanwezig zijn! Indien mogelijk niet in de box !! In de buurt geen beweegbare zaken laten rondslingeren zoals bv. een poetsemmer. Bij het poetsen het paard altijd vastzetten middels een veiligheidsknoop. Voor het vastzetten altijd halster en halstertouw gebruiken. Het paard alleen aan vastzittende ankers vastzetten, nooit aan deuren of andere bewegende delen.
Bij het uitkrabben van de hoeven altijd naast het paard staan en het paardenbeen optillen. Indien mogelijk altijd voorlangs het paard lopen.
 

5. Het uit en in de box zetten
Als u een paard uit de box gaat halen, kijk dan of hij met zijn hoofd naar de deuropening staat, zo niet haal er dan een deskundige bij, die hem omdraait. Zo ja, boxdeur openen zorg dat hij rustig staat, gebruik je stem, klop hem op de hals en doe hem een halster om. Haal hem uit de box en zorg dat de deur helemaal open is en draai hem niet te kort bij het eruit halen. Bij het naar binnen zetten in de box geldt: deur helemaal openen, het paard in de box omdraaien, waardoor de achterbenen naar de wand wijzen en men zonder gevaar de box kan verlaten.

 

6. Voorkom ongevallen door de juiste uitrusting te gebruiken
Een val van het paard zal niet altijd kunnen worden voorkomen. De gevolgen kunnen echter wel teruggebracht worden, wanneer men als ruiter de juiste uitrusting draagt en het paard op de juiste manier is opgetoomd.
Ongevallen aan het hoofd worden in veel gevallen voorkomen door het dragen van een veiligheidshoofddeksel (CE gekeurd).
De uitrusting aan het paard moet in orde zijn en goed onderhouden. Versleten materiaal houdt een groter risico in.

7. Voorkom ongevallen door de juiste spelregels in acht te nemen
Als u naar de ingang van de manege loopt, dient u altijd naast het paard te lopen (links). Bij de deur aangekomen roept u “deur vrij” Pas als de reactie “deur vrij” komt, naar binnen gaan. Maak de deur zover mogelijk open en vermijd te veel lawaai bij het openen en sluiten. Houd voldoende afstand ten opzichte van het paard.
Ken de rijbaanregels:
* 0p en afstijgen op de AC-lijn.
* Niet stappen of halt houden op de hoefslag als u individueel rijdt.
* De hoefslag heeft voorrang.
* De linkerhand gaat voor de rechterhand.
* Zijgangen hebben altijd voorrang.
* Geef voldoende ruimte bij het passeren.
* Bij galop en draf, dan anderen stappen op de binnenhoefslag.
* Uitzondering: Bij het inspringen stapt u wel op de hoefslag.

8. Buiten rijden
* Altijd onder begeleiding van een ervaren ruiter.
* Stel altijd de vraag wat kan ik en wat kan ik niet?
* Hoe goed kent u het paard dat u berijdt?
* Ook een braaf paard kan plotseling schrikachtig reageren.
* Let ook op uw eigen conditie, immers bij vermoeidheid verliest men snel de aandacht: dat kan gevaarlijk zijn.


9. Voorkom ongevallen door betere kennis van het paard
Elke ruiter dient kennis te hebben van de achtergronden van het paard.
Kennis inzake de natuurlijke reacties van het paard spelen een belangrijke rol in het voorkomen van ongelukken. In 85% van alle ruitersportongevallen wordt gebrek aan kennis van de natuurlijke reacties van het paard als medeveroorzaker van ongelukken genoemd.
* Het paard is een vluchtdier, het reageert schrikachtig op alles wat vreemd is. Paarden in
   de vrije natuur reageren op vijanden door te vluchten. Hoe eerder ze de vijanden zien des
   te meer overlevingskans hebben ze.
   Paarden zijn met zeer fijne zintuigen uitgerust. Zij reageren onmiddellijk op elke beweging,
   vreemde geluiden, vreemde lucht. Van al wat onbekend is, kan het schrikken en de vlucht
   nemen, Hierop moet men als ruiter altijd voorbereid zijn.
* Het paard is een kuddedier, het zoekt daardoor contact met andere paarden. Paarden
   leven in de natuur altijd met andere paarden. Het paard zoekt gezelschap van
   soortgenoten en laat zich door het gedrag van andere paarden beïnvloeden. Indien een
   groep voorbijgaat of passeert, wat altijd in stap dient te gebeuren, is het oppassen
   geblazen. Bij het plotseling uitbreken van een paard uit de groep kan uw paard daarop
   meegaan. Het paard volgt dan meer zijn kudde-instinct dan uw hulpen.
* Houd in principe genoeg afstand tussen paarden onderling. Ook paarden kennen sympathie
   en antipathie.
* Hoe vaker er beweging wordt gegeven, hoe rustiger hij is bij het berijden. Na een lange
   periode op stal of alleen in de binnenrijbaan gereden zijn, is extra voorzichtigheid geboden.
   Het paard kan uit louter behoefte aan beweging enkele “vreugdesprongen” maken.

10. Tot slot
Wil men zich zeker voelen op zijn paard en daardoor meer genieten van het paardrijden en de omgang met het paard dan is het belangrijkste:
 

WETEN EN KUNNEN


Het weten kunt u aanleren, onder andere middels het lezen van boeker het volgen van cursussen en vooraf door te vragen aan uw instructeur.
Het kunnen is slechts te leren door les te nemen van ervaren en gediplomeerde instructeurs
-
het beste bij erkende FNRS-bedrijven.

terug